|
|
Levensverhaal Soccorro |
| Home |
In mei 2008 zijn Cor en Marianne van Loy op bezoek
geweest bij de zusters in
Brazilië. Ik ben oud en arm, maar je kunt van mij op aan
28 mei 2008, op bezoek bij de 62-jarige Maria
Soccorro. Een wijze vrouw die veel heeft meegemaakt. Te veel om te vertellen. Haar trots weerhoudt haar ook om alle ellende te verwoorden, en wie zijn wij om daar iets tegen in te brengen. Soccorro is een dochter van een negerin en een blanke man. De familie accepteerde de relatie niet. Zij woonden jaren in Mucambo, een nederzetting van Afrikaanse vluchtelingen; de paria’s van Alagoas. Ze woonden er in een huisje dat gemaakt was van bananenbladeren en modder. De moeder van Soccorro kreeg 5 kinderen van wie er 3 stierven. Soccorro vond haar man in Mucambo en zij kregen er 2 kinderen. Een neef vroeg hen naar Pão de Açúcar te komen om bij een boer te gaan melken. Ze woonden er in een kotje met een kap erop. De boer beloofde hen een stuk grond om een eigen huis te kunnen bouwen, maar toen hij stierf pakte de weduwe het weer af. Zes jaar geleden mochten ze van de weduwe in de huidige woning gaan wonen. Het staat echter niet op hun naam. Ze betalen weliswaar geen huur, maar wel voor licht en water. Een grote zorg blijft de onzekerheid over de woning als de weduwe van de boer komt te overlijden. Soccorro en haar man kregen in totaal 8 kinderen. Eén jongen stierf plotseling aan een hartkwaal en een dochter werd vermoord. Met de andere kinderen gaat het gelukkig goed.
De twee kinderen die nu dood zijn zaten op de
crèche toen Soccorro zuster Clémentina leerde kennen. De zuster zorgde
voor de eerste hulp aan de familie. Soccorro was dolblij toen zij voor
het eerst geld kreeg;
De eerste hulp aan Soccorro stopte toen men dacht
dat de boerderij van hen was, maar ze waren er alleen in dienst.
Soccorro ging op de markt koekjes verkopen tot één jaar geleden. Ze mag
namelijk niet meer in de waarvan Soccorro gasflessen kocht en boter om koekjes te kunnen maken. Ook is er wat voor in huis aangeschaft. Haar man in 77 jaar en werkt niet meer. Hij is met zijn 65 e met pensioen gegaan. Tot zijn pensionering is hij blijven melken op de boerderij. Het leven is door de hulp veel makkelijker geworden.Moest Soccorro vroeger, zwanger en al, rijst planten en hout halen voor het vuur; nu heeft ze een fornuis en een koelkast. Zonder de hulp zou zij zich nu geschaamd hebben iemand te ontvangen. Praten over haar armoede doet ze niet graag, zij is een trotse vrouw. Ze heeft nooit steun vanuit de politiek gehad. Ooit kwam de burgemeesterskandidaat om stemmen vragen en beloofde hen een huis als hij gekozen zou worden. Hij heeft zich nooit meer laten zien. Een poos geleden verkocht ze koekjes in de stad en kwam de burgemeester bij haar als klant. Hij herkende haar. Hij kocht haar hele schaal leeg en zei:”Nu heb ik zoveel van je gekocht, dan kun je me wel bedanken”. Soccorro antwoordde: “Als jij me mijn huis geeft zal ik je bedanken. Ik ben een oude vrouw en arm, maar men kan van mij op aan. Jij bent rijk, maar je bent geen man van je woord”. Het tekent de trotse vrouw die Soccorro is. Met hulp van zuster Clémentina, met de financiële hulp vanuit Nederland, maar vooral op eigen kracht en vertrouwend op God, is Soccorro een zeer gerespecteerde vrouw in Pão de Açúcar geworden.
|